Doordat dit gebied zo dunbevolkt is en de natuur zo gevarieerd is Aragón een geweldige bestemming voor rustzoekers: hoge pieken worden afgewisseld met diepe canyons, dichte wouden en spectaculaire watervallen. Een van de mooiste gebieden is het nationale park Ordesa y Monte Perdido National Park, vlak bij de grens met Frankrijk. In de zomer kun je er tijdens lange wandelingen roofvogels spotten en in de winter is Aragón een geliefd skigebied.

Aragón (in het Catalaans: Aragó) bestaat uit de provincies Huesca, Zaragoza en Teruel. Huesca grenst aan Frankrijk en ligt midden in de Pyreneeën. Verder grenst het gebied aan Catalonië in het oosten aan de regio’s Valencia en Castilië La Mancha in het zuiden en Castilië en Leon, Rioja en Navarra in het westen.

Aragón is met een oppervlakte van 47.719 km2 groter dan Nederland en een paradijs voor bergliefhebbers. Je vindt er gletsjers, groene weiden en boomgaarden maar ook dorre steppes. Aragón is met vele rivieren een waterrijk gebied en daarom zeer geschikt om te raften. De Ebro stroomt er bijvoorbeeld doorheen. In deze regio ligt ook de Aneto, met 3404 de hoogste top van de Pyreneeën.

De regio is bijzonder dunbevolkt. In 2015 woonden er 1.317.847 mensen, waarvan de helft in de hoofdstad Zaragoza. Met een inkomen van gemiddeld €25.000 per inwoner is Aragón een van de meest welvarende regio’s van Spanje. De drie regio’s van Aragon vallen ook weer uiteen in totaal 33 comarcas (streken), die stuk voor stuk hun eigen rijke politieke en culturele geschiedenis hebben die teruggaat tot de tijd dat de Kelten hier aan de macht waren. Hoewel heel noordelijk gelegen waren de moren ook hier vier eeuwen heer en meester.

Later ging het gebied over op handen van de Fransen en werd het een zelfstandig koninkrijk. Castilliaans is de enige officiële taal van Aragón maar in het bergachtige noorden wordt ook Aragonees gesproken en in het oosten, grenzend aan Catalonië, hoor je veel Catalaans.

Wat heeft Aragón te bieden?

Doordat dit gebied zo dunbevolkt is en de natuur zo gevarieerd is Aragon een geweldige bestemming voor rustzoekers: hoge pieken worden afgewisseld met diepe canyons, dichte wouden en spectaculaire watervallen. Een van de mooiste gebieden is het nationale park Ordesa y Monte Perdido National Park, vlakbij de grens met Frankrijk. In de zomer kun je er tijdens lange wandelingen roofvogels spotten en in de winter is Aragón een geliefd skigebied.

In de groene valleien vind je mooie dorpjes met Romaanse kerkjes en typische Pyrenese huisjes met balkons vol bloemen. De oudste Romaanse kathedraal van heel Spanje staat in het middeleeuwse Jaca, in het uiterste noordpuntje van de provincie Huesca. In de uitlopers van de Pyreneeën, of pre-Pyreneeën, vind je de Mallos de Riglos een beroemde rotsformatie. In dit gebied staan oude kastelen op eenzame heuvels, waarvan dat van Loarre het bekendst is.

Verder zuidwaarts ligt de vruchtbare Ebro-vallei waar tarwe, graan en groente wordt verbouwd en veel boomgaarden zijn. Als je hier door het land rijdt wordt je telkens weer verrast door kleine nederzettingen, kastelen en ruïnes van Romaanse kerkjes. Enkele bezienswaardige plaatsen hier zijn Calatayud, Daroca, Sos del Rey Catolico en Caspe. Ten zuiden van Zaragoza en de Ebro-vallei wordt het weer bergachtiger. Het hoogste massief in deze regio is de Mancayo. Hoewel hier meestal minder sneeuw ligt dan in de Pyreneeën zijn er verschillende skigebieden.

Hoe kom je er?

De regio Aragón is goed bereikbaar met de auto. Er zijn minder opties om direct naar Aragón te vliegen.

Vliegen

Er is een internationale luchthaven in Zaragoza, maar vanuit Nederland kun je niet direct op deze bestemming vliegen. Er zijn wel vluchten vanaf Brussel Charleroi met Ryanair. Een alternatief is om te vliegen op Barcelona en daar een auto te huren. Binnen een paar uur zit je in de regio Aragón.

Auto

Met de auto is het ruim 1500 kilometer rijden (afstand van Utrecht naar Zaragoza). De infrastructuur in de regio Aragón is er de afgelopen jaren sterk op vooruitgegaan. Er loopt meer dan 1000 kilometer aan snelwegen die Zaragoza, Madrid, Teruel, Baskenland, Huesca en Barcelona verbinden. De conditie van de overige wegen is ook goed.

Trein

Met de nieuwe hogesnelheidstrein van Barcelona naar Madrid ben je in twee uur en twintig minuten van Huesca in de Spaanse hoofdstad.

Mild landklimaat

Aragon heeft een gematigd landklimaat en de temperaturen zijn vooral afhankelijk van de hoogte. Het is koud tot zeer koud in de winter en koel in de zomer in het noorden en aangenaam in de winter en heet in de zomer in het centrale laagland. In het centrale laagland valt ook veel minder regen dan in de bergen.

Geschiedenis van de regio Aragón

Voor Aragón in 1035 een zelfstandig koninkrijk werd, hoorden delen van het gebied bij het koninkrijk Navarra. De eerste koning, Ramiro I, en zijn opvolgers veroverden al snel grote delen land op de moren. In 1096 werd Huesca ingenomen en Zaragoza volgde in 1118.

Net als in andere gebieden in het noorden van Spanje was de koning primus inter pares (de eerste onder gelijken) die verantwoording verschuldigd was aan de adel. Een edelman met de titel ‘Justicia’ (rechtvaardigheid) fungeerde als ombudsman en zorgde dat de koning de Aragonese wetgeving naleefde. ‘En Aragón antes de Rey hubo Ley’ (‘In Aragon kwam de wet voor de koning), luidt een oud gezegde dan ook.

Door het huwelijk van koningin Petronila van Aragon en Ramon Berenguer IV, de graaf van Barcelona werd het territorium verder uitgebreid en op een gegeven moment heerste de Aragonese kroon over Aragón, Catalonië, de Balearen, Valencia, Sicilië, Napels en Sardinië. Door het huwelijk van Isabella I van Castilië en Ferdinand II van Aragón in 1469 werden de koninkrijken verenigd.

Toch bleef Aragón een onafhankelijk koninkrijk met eigen wetten en instituties tot 1708, het jaar waarin Filips V, het eerste lid van het huis van Bourbon dat over Spanje heerste, Aragón binnenviel met zijn leger en de Nueva Planta liet tekenen, decreten waarmee Spanje een centraal geleide staat werd waar het gebruik van het Castiliaans verplicht werd gesteld. In de eeuwen daarop volgden diverse bloedige oorlogen met andere Europese mogendheden.

Tijdens de Spaanse Burgeroorlog waren er verschillende anarchistische gemeenschappen in Aragon, die fel strijd leverden tegen Franco. De Slag om Teruel in de koude winter van 1937 en 1938, was een van de bloedigste van de hele oorlog, waarbij Franco uiteindelijk won met luchtsteun van de Duitsers en de Italianen. In 1982 werd Aragon een autonome gemeenschap.

Cultuur in Aragón

Op 23 april, de dag van Sint -Joris, vieren de Aragonezen al sinds de 15e eeuw de Día Nacional d’Aragón. In hoofdstad Zaragoza wordt op het Plaza de Aragón de vlag in bloemen gemaakt.

Op feestdagen dansen de Aragonezen de Jota maar ook zijn er dansen met stokken en zwaarden die ‘paloteaos ‘worden genoemd. Het Carnaval van Bielsa (Huesca) heeft een zeer lange traditie. Groepjes mannen met lange stokken, met koebellen om een geitenhoorns op hun zwartgeschilderde hoofden (de trangas) verbeelden de vruchtbaarheid en omsingelen groepjes andere mannen die met huiden om beren moeten voorstellen. In de Aragonese mythologie brachten beren zielen van de levenden naar het dodenrijk. De trangas dansen met jonge vrouwen in kleurrijke jurken die ‘madamas’ worden genoemd en de puurheid voorstellen.

Enkele bekende Spanjaarden die uit Aragón afkomstig zijn zijn de 18e-eeuwse schilder Francisco de Goya (1746–1828) en de filmmakers Luis Buñuel en Carlos Saura.

Lees alle berichten over:

Aragón
canyones
natuurvakantie
Pyreneeën
rustzoekers