Ben je op vakantie in Zuid-Frankrijk maar wil je ook wat van Spanje zien? Met deze tips van onze redactie kun je acht heel verschillende dagtrips maken. Knoop je alle tips aan elkaar, dan maak je een unieke tocht van Cadaqués aan de Costa Brava tot Ea in het Baskenland. ¡Buen viaje!

 

Añisclo-kloof – Het dak van de wereld

(11 kilometer vanaf grens) De Monte perdido is half Frans (Mont perdu), half Spaans en is bekend om z’n canyons, waarvan de spectaculairste vlak over de Spaanse grens liggen. De allerspectaculairste is de door water uitgehouwen Añisclo-kloof, waarbij de wereld door oergeweld lijkt opengebarsten. Uit de steile rotswanden, tot wel 1200 meter hoogte, ontspringen veel watervallen. Goed nieuws voor wie de bergen graag bekijkt door z’n autoraampje, want alleen de autorit ernaartoe is al adembenemend. De weg slingert zich vanaf het dak van de wereld door de steeds smaller wordende kloof. Vanaf de parkeerplaats van San Úrbez vertrekken diverse wandelingen door de vallei, waarvan de kortste je in drie kwartier naar het verlaten klooster van San Úrbez leidt en weer terug. Voor een bocadillo (broodje) in de hoogstgelegen uitspanning in de pyre- neeën rijd je vanuit San Úrbez nog 15 kilometer door naar bar De las eras in Fanlo. overnachten doe je in een eenvoudige herberg in dorpjes als Bielsa, Fanlo of puértolas.

Lees ook: Werelderfgoedsteden, Spaanse trots

 

straat in ainsaAínsa – Zwemmen langs de kerktoren

(33 kilometer vanaf grens) Als je Frankrijk bij Toulouse verlaat en dwars door de Pyreneeën via de tunnel van Bielsa rijdt, kom je vanzelf uit in Aínsa. niet alles wat de Spanjaarden in de bergen bouwen is mooi, veel uit de grond gestampte wintersportplaatsen zijn zelfs spuuglelijk, maar het bergdorpje Aínsa is nog precies zoals het was. Kronkel omhoog door de middeleeuwse straatjes, via een romaans kerkje naar het monumentale dorpsplein met arcadegalerij. In de omgeving (stukje doorrijden richting Barbastro) kun je prachtig wadend wandelen in de rivier de Susia, waarin door erosie minizwembadjes met kolkgaten zijn uitgesleten. Of ga zwemmen in het azuurblauwe stuwmeer van Mediano, waarvoor ooit een dorp onder water is gezet, zodat je heel surrealistisch langs de kerktoren zwemt. na een lange dag is het goed toeven bij het door Michelin aangeprezen Callizo op de plaza Mayor. De chefkok leerde het vak bij El Bulli. Een hele avond degusteren, langs negen verrassingsgangen van creatieve moleculaire experimenten vermengd met de stevige Aragonese keuken, voor (je leest het goed) €42, inclusief wijn. Wel een dag van tevoren reserveren.

Vielha Zwitserse sfeer

(24 kilometer vanaf de grens) In een smalle vallei in de Spaanse pyreneeën ligt Vielha. Dit charmante stadje doet op sommige plekken Zwitsers aan. Wanneer in de zomer de sneeuw in de bergen smelt, stijgt het water in de rivieren en zijn de mogelijkheden om te raften talloos. ook leuk is barranquismo, waarbij je in een wetsuit een rivierkloof afdaalt. De ideale slaapplek is Hotel Iori. De sfeer in dit hotel, gerund door de Japanse Yoko, is zo knus dat je haast in je pyjama aan het ontbijt zou aanschuiven. Bijzonder is dat de autotunnel die Vielha met de rest van Spanje verbindt een scheidslijn vormt tussen het warme mediterrane klimaat en het koudere Atlantische klimaat. Rijd je vanaf Vielha met donkere lucht de tunnel in, dan is de kans groot dat je bij het verlaten van de tunnel aan de andere kant van de berg je zonnebril moet opzetten.

LliviaLlívia – Stukje Spanje in Frankrijk

(5 kilometer voor de grens) Llívia is klein, maar fijn. Dit stukje Spanje in Frankrijk ontsnapte aan de Franse heerschappij door een toevallige formulering in een Spaans-Frans vredesverdrag uit de 17e eeuw. toen dit verdrag getekend werd beloofde Spanje alle noordelijke dorpen en akkers van het gewest Cerdanya aan Frankrijk te geven. Llívia was geen dorp maar een stad en bleef dus Spaans grondgebied, terwijl alle omliggende velden Frans werden. Middeleeuwse straten met na- tuurstenen muren en felgekleurde gevels leiden naar het oude hart van Llívia. Uniek is museum Farmàcia esteve, naar eigen zeggen europa’s oudste apotheek. eten doe je in República de Llívia. Dit restaurant met eigen wapen en vintage interieur serveert creatieve variaties op traditionele berggerechten, zoals de stamppot trinxat en de stoofpot escudella de pàges.

Besalu Middeleeuwse glorieBesalú Middeleeuwse glorie

(55 kilometer van de grens) Wie Spanje via de Catalaanse grensplaats La Jonquera bereikt en ter hoogte van Figueras de n-260 in de richting van olot neemt, komt onderweg langs het middeleeuwse dorpje Besalú, dat al sinds de jaren zestig beschermd historisch erfgoed is. zo’n duizend jaar geleden was dit de hoofdstad van een onafhankelijk graafschap. De imposante 12e-eeuwse brug over de rivier de Fluvià, het joodse badhuis en de synagoge getuigen van de middeleeuwse glorie. Wandel door de schilderachtige straten, steek de romaanse brug over en breng een bezoek aan het bijzondere Museu de Miniatures, een piepklein museum met nog kleinere werken. ook het nabijgelegen Olot, dat midden in het vulkaangebied La Garrotxa ligt, is de moeite waard. In de omgeving kun je fantastisch wandelen. onderweg kom je langs Castellfollit de la Roca, een gehucht dat vanaf 60 meter hoogte de afgrond in kijkt. Overnachten kan bij Can terrades, een prachtige oude masía die volledig werd gerenoveerd. Je kunt er kiezen uit diverse appartementen, allemaal even comfortabel.

Cadaques Cadaqués – Koket kunstenaarsdorp

(31 kilometer van de grens) Cadaqués is met stip de meest kokette badplaats langs de Costa Brava en vanuit Frankrijk ben je er zo. Begin 20e eeuw vestigden zich hier veel kunstenaars en op loopafstand, in port Lligat, kun je het huis bezoeken waar Salvador Dalí woonde. Alles is er nog pre- cies zoals toen de kunstenaar overleed. natuurlijk mag je Cap de Creus, de meest oostelijke punt van Spanje, niet overslaan. Alleen al de weg erheen, dwars door een natuurgebied, is de moeite waard. Bij de vuurtoren is een restaurant met terras waar je een hapje kunt eten of een kop koffie kunt bestellen. Geniet hier van het prachtige uitzicht. In de buurt vind je een van de weinige echt verlaten baaien langs de Costa Brava: Cala tavallera. Je kunt er komen via de wandelroute GR-11, maar dat is best een pittige route en zeker niet een om op je slippers te lopen. een alternatief is een bootje huren bij Cadaqués Rentals. overnachten kan in Cadaqués, waar verschillende eenvoudige hotels zijn. Je kunt er ook appartementen huren.

Ea Verstopt strandEa – Verstopt strandje

(111 kilometer van de grens) Als je in Hendaye de n-638 neemt en vervolgens de n-634 rijd je om San Sebastián heen en kom je langs de leukste Baskische dorpjes en stranden. Leikitio is een gezellige maar vrij grote en toeristische badplaats waar je fantastisch vis kunt eten. een strand is hier nooit ver weg. Als je de tijd hebt, rij dan door naar ea. Als je er bent denk je misschien dat er behalve het dorpscafé waar fietsers aanleggen voor een kop koffie niets te vinden is. Maar loop je het dorp in dan kom je uit bij een door rotsen omringd verstopt strand. De Basken liggen echter liever op de kade ernaast, biertje in de hand en plonzen maar! Omdat dit dorpje niet op een doorgaande route ligt, vind je hier maar weinig buitenlandse toeristen. eten en slapen kan in hotel-restaurant Ermintxo even buiten het dorp met een fantastisch uitzicht op de landerijen en de zee en een onvervalste Baskische keuken.

Lees ook: De mooiste dorpen van Spanje

 

Beget charmantste dorp van CatalonieBeget Charmantste dorp van Catalonië

(29 kilometer van de grens) Hemelsbreed ligt Beget, door velen beschouwd als het charmantste dorpje van Catalonië, nog geen 2 kilometer van de Franse grens. Maar je moet eerst heel wat prachtige kronkel- weggetjes nemen om er te komen. Het bergdorpje was tot de jaren zestig onbereikbaar voor auto’s en nu is Beget zelf nog steeds autovrij. Daardoor lijkt het echt of je de middeleeuwen binnenstapt als je je auto achterlaat op de parkeerplaats en het dorp inloopt. De omringende bossen, stromende bergriviertjes, dertig robuuste natuurstenen huizen en het lieflijke kerkje maken het compleet. In het hart van het dorp kun je bij de brug lokale gerechten eten op het sfeervolle terras van Can Jeroni. Hoewel het dorpje klein is, kun je hier met gemak een dag doorbrengen want in de omgeving kun je fantastisch wandelen.

Dit artikel is eerder verschenen in ESPANJE! (nummer 3, jaargang 2014) en de informatie kan achterhaald zijn.