Galicië kent een prachtige kustlijn, bruisende steden en heel veel groen. Bovendien kun je er heerlijk eten en tot rust komen in een van de vele kuuroorden. Een veelzijdige en nog niet door toeristen overstroomde regio, die een bezoek dubbel en dwars waard is.

Wie aan Galicië denkt, denkt vaak direct aan Santiago de Compostela en de beroemde pelgrimstocht naar het bedevaartsoord (de Camino de Santiago). De hoofdstad van de autonome regio wordt ook voornamelijk bezocht door pelgrims die de tocht te voet of per fiets hebben afgelegd. Toch hebben zowel Santiago als Galicië veel meer te bieden.

In het binnenland van de regio zijn uitgestrekte bosgebieden te vinden, waardoor Galicië populair is onder de Spanjaarden zelf. Zij trekken vooral zomers naar het groene land om de hitte elders in Spanje te ontvluchten.

Galicië ligt boven Portugal en heeft een lange kustlijn. De streek wordt deels omgeven door water: de Atlantische Oceaan en de Cantabrische Zee komen bij Galicië samen. De regio grenst in het oosten aan Asturië en Castilië en León, en bestaat uit vier provincies: A Coruña, Pontevedra, Ourense en Lugo. In Galicië spreekt ongeveer 70 procent van de bevolking Galicisch. Het gallego is een variant van het Portugees en heeft Spaanse invloeden. Samen met het Castiliaans, Catalaans en Baskisch geldt Galicisch als een officiële taal binnen Spanje.

Wat heeft Galicië te bieden?

Galicië is bij uitstek geschikt voor natuurvakanties. De groene valleien, nationale parken en uitgestrekte stranden laten je volledig tot rust komen. Ook zijn er imponerende kliffen te bewonderen, zoals aan de Costa da Morte in A Coruña. Tot het hooggebergte in het zuidoosten van Galicië behoren los Picos de Ancares (1826 meter), de Cabeza de Manzaneda (1787 meter) en de Peña Trevinca in de Serra de Queixa (2031 meter).

Je kunt in Galicië door charmante vissersdorpjes slenteren of meer bruisende steden opzoeken als Santiago de Compostela, A Coruña, Ferrol, Lugo, Ourense, Pontevedra of Vigo. In die steden gaan natuur en cultuur hand in hand. Zo zijn er in de buurt van Lugo twee natuurgebieden: de Ancares en de Courel. Maar ook nabij de andere steden zijn er grote, groene vlaktes te vinden.

Herculestoren La Coruña Spanje WerelderfgoedlijstIn A Coruña staat de oudste, nog functionerende vuurtoren ter wereld. De Torre de Hércules is bovendien door Unesco uitgeroepen tot werelderfgoed. De vuurtoren werd in de tweede eeuw na Christus door de Romeinen gebouwd en is maar liefst 55 meter hoog. A Coruña heeft ook een moderne kant. Aan de haven staat een rij negentiende-eeuwse gebouwen waarvan de gevels geheel uit glazen erkers bestaan. Aan die gebouwen dankt de stad zijn bijnaam Ciudad Cristal (glazen stad).

Kathedraal Santiago de CompostelaOok in Lugo is een monument tot werelderfgoed bestempeld. De Romeinse stadsmuren, die nog volledig intact zijn, zijn zeker het bezoeken waard. In Santiago de Compostela is de kathedraal hét visitekaartje van de stad. Net als de vijfhonderd jaar oude universiteit van Santiago staat de kathedraal op de Werelderfgoedlijst. Volgens de legende bevindt het graf van de heilige apostel Jacobus zich in het immense gebouw. Daarom is de kathedraal het eindpunt van de Camino de Santiago. De dom is zo’n belangrijk begrip voor Spanje dat deze is afgebeeld op de 1,2 en 5 eurocentmunten. Pontevedra staat vooral bekend om de typisch Galicische pazos (huizen) en rotstekeningen in Vilaboa en Poio.

Wie na het vele wandelen door de streek wil relaxen, kan eveneens in Galicië terecht. De regio heeft veel kuuroorden en warmwaterbronnen in de buitenlucht, voornamelijk in Ourense. Sommige thermale baden liggen direct naast de weg en zijn gratis te betreden. Andere bevinden zich in een wellnesscentrum, waar tegen betaling een aantal uur gedobberd kan worden. Wat absoluut niet overgeslagen mag worden tijdens een trip naar Galicië is een bezoek aan de Islas Cíes. De Britse krant The Guardian noemde de stranden van de eilandengroep voor de kust van Galicië niet voor niets ooit de mooiste ter wereld. De paradijselijke eilanden zijn vanaf verschillende plekken op het vasteland per boot te bereiken. De Islas Cíes zijn beschermd natuurgebied en daarom is er een grote verscheidenheid aan flora en fauna.

Hoe kom je in Galicië?

Vliegen

Er zijn drie vliegvelden in Galicië, waarvan de luchthaven van Santiago de Compostela de grootste is en als enige voor intercontinentale vluchten wordt gebruikt. Het vliegveld ligt tien kilometer ten oosten van de stad. Vanuit Nederland zijn er geen directe vluchten naar Santiago. Vueling vliegt vanaf Amsterdam Schiphol naar de stad, maar maakt een tussenstop in Barcelona.

Auto

Met de auto is het bijna tweeduizend kilometer rijden vanaf Utrecht naar Santiago de Compostela.

Trein

Galicië kent net als de rest van Spanje een goede infrastructuur. Met spoorwegmaatschappij RENFE kun je heel Galicië doorkruisen.

Nat klimaat

Dat Galicië prachtig groene valleien heeft, komt onder meer door de vele regenval. De streek staat bekend als één van de natste van Spanje. Door de harde wind en hoge luchtvochtigheid aan de kust komt er in Galicië vaak nevel en mist voor. De Atlantische Oceaan heeft een grote invloed op het klimaat. Het zeeklimaat overheerst; daardoor is het er zacht en vochtig, en zijn de zomers met een gemiddelde van 22 graden niet heet. De winters zijn mild, maar somber. Dan is er een minimumtemperatuur van zo’n 5 graden en regent het veel.

De geschiedenis van Galicië

Galicië wordt al sinds het paleolithicum bewoond. Deze steentijd is de oudste periode in de voorgeschiedenis van de mens en zijn materiële cultuur. De eerste belangrijke nederzettingen in de regio werden in de zesde eeuw voor Christus door de Kelten gesticht. Nog altijd doet het noordwesten van Spanje Keltisch aan, omdat er veel bewaard is gebleven. Zo is de bouwstijl kenmerkend: gebouwen met lage muren, balken en daken van stro. Ook is er een groot aantal castro’s, Keltische vestingdorpen, opgegraven.

In het jaar 138 voor Christus kwamen de Romeinen in Galicië aan. Jaren later werd de regio officieel ingelijfd bij Hispania Tarraconensis (Spanje als Romeinse provincie) en ging Galicië onder de naam Gallaecia verder. De Romeinse bruggen, badhuizen en muren in het moderne Spanje getuigen van die cultuur. Vervolgens waren er invasies van onder anderen de Sueven en Vandalen, en brachten de Visigoten het christendom naar het land. Het koninkrijk Galicië ontstond tijdens de Reconquista, al hadden de Moren nauwelijks invloed op deze streek gehad.

Galicië werd meermaals bij andere Spaanse koninkrijken getrokken tot de eenwording van Spanje door het huwelijk van de Reyes Católicos, Ferdinand van Aragón en Isabella van Castilië. Het feodale systeem en de kerkelijke hiërarchie zorgden ervoor dat Galicië in de afgelopen eeuwen op economisch gebied steeds verder achterop raakte, in vergelijking met andere regio’s. Er waren bijvoorbeeld dorpen die verstoken bleven van elektriciteit. Bij het ontstaan van de autonome regio’s in de jaren tachtig en negentig speelde Galicië wel een vooruitstrevende rol. In eerste instantie bestonden enkel de Baskische en Catalaanse autonomías, de rest van het land was afhankelijk van de regering in Madrid. Niet veel later werd Galicië zelfstandig en ging het trio de Comunidades Históricas heten. Uiteindelijk ontstonden er twee groepen autonome regio’s: die van de vía rápida (Catalonië, Baskenland en Galicië) die snel bevoegdheden kregen en die van de vía lenta die langzamer autonoom werden.

Cultuur in Galicië

Pelgrimspad naar Santiago de CompostelaDe regio Galicië blijft ondanks alles onlosmakelijk verbonden met de pelgrimstocht naar Santiago de Compostela. De nationale feestdag van de streek valt op 25 juli: de dag van apostel Jacobus. Hij is de patroonheilige van Spanje en van Galicië en Santiago de Compostela in het bijzonder. Zoals de legende vertelt, bevindt het lichaam van de apostel, één van de discipelen van Jezus, zich in de kathedraal van Santiago. Nadat hij in Palestina was onthoofd, werd het lichaam van apostel Jacobus in een stenen boot gelegd die als vanzelf de Galicische kust bereikte. Jacobus werd vervolgens begraven in de berg Libredón, waar later de indrukwekkende kathedraal op verrees.

De pelgrims die op weg zijn naar Santiago de Compostela dragen een sint-jakobsschelp bij zich, het teken van de heilige Jacobus. Ook nemen ze vanuit huis een steen mee die ze achterlaten bij de Cruz de Ferro. Op die plek ontdoen de pelgrims zich symbolisch van hun zonden en vervolgen ze (letterlijk) verlicht hun weg. De nationale feestdag is een voornamelijk religieuze ceremonie, waarbij de Spanjaarden uitgebreid feestvieren. De laatste jaren wordt het feest door verschillende nationalistische partijen aangegrepen om de politieke situatie van Galicië aan te kaarten. Er is nog altijd een grote groep Galiciërs die onafhankelijk wil zijn. Daarom is 25 juli voor hen een belangrijke dag om het ‘vaderland Galicië’ te eren.

Feesten in Galicië kunnen niet zonder de foliadas. Deze traditionele, Keltische muziek waarbij de doedelzak een grote rol speelt, gaat samen met een specifieke dans.

Gastronomie

Pulpo a la Gallega Tapas Spanje gastronomieEchte visliefhebbers komen in Galicië zeker aan hun trekken. Naast de vissersboten die de Atlantische Oceaan opvaren, is de kweek van mosselen en andere schelpdieren heel belangrijk. Zo is de sint-jakobsschelp, die de pelgrims op weg naar Santiago de Compostela bij hen dragen, onder de naam vieira een gewilde delicatesse in restaurants. Het dier wordt ergens langs de Galicische kust gekweekt, maar de exacte locatie is een groot mysterie. Kwekers willen de plek geheim houden om diefstal te voorkomen. Anders dan in het zuiden van Spanje zijn churros niet de lokale specialiteit van Galicië, maar is dat de pulpo. De octopus wordt vrijwel overal vers geserveerd met een flinke dosis zout en paprika. Voor de ultieme ‘Galicië ervaring’ haal je ’s ochtends een portie verse pulpo a la gallega op de markt en nuttigt deze samen met een wit wijntje op een terras. De bekendste Galicische wijnen zijn de Ribeiro en de Albariño, waarvoor twee wijnroutes zijn gemaakt.

Niet weg te denken uit de Galicische cultuur en aanwezig op elk (familie)feest is de queimada, een brandewijn gemaakt van Galicische augardente (alcohol). Traditioneel wordt tijdens de bereiding van de queimada een bezwering uitgesproken om slechte geesten te weren. De drank wordt in een holle pompoen op smaak gebracht door de toevoeging van speciale kruiden, koffiebonen, suiker, citroenschil en kaneel. Oorspronkelijk werd de queimada gemaakt door groepen Galicische emigranten. Tegenwoordig is de drank het symbool van de Galicische identiteit.

Lees alle berichten over:

Galicië
Santiago de Compostela