In Colombres in Asturië staat een opvallend blauw herenhuis dat een indrukwekkend verhaal vertelt. In het Archivo de Indianos draait alles om de honderdduizenden Spanjaarden die vanaf de negentiende eeuw naar Latijns-Amerika vertrokken – vaak gedreven door armoede, oorlog, ziekte of simpelweg gebrek aan toekomst. Het museum is gevestigd in het prachtige La Quinta Guadalupe, een villa die symbool staat voor de droom van velen: vertrekken als arme jongen en terugkeren als succesvolle indiano.

Met die term worden dus geen inheemse Amerikanen bedoeld, maar Spanjaarden die in Amerika hadden gewoond. Overal in het noorden van Spanje zie je hun prachtige gekleurde huizen, met een palmboom ervoor. Ze kwamen na veel o tekeningen en hard werken vaak terug met veel geld, maar niemand wist nog wie ze waren. Respect was vaak ver te zoeken. Daarom bouwden ze huizen die imponeerden. Daarnaast investeerden ze vaak ook in de infrastructuur en het onderwijs van hun geboortedorp.

archivo indianos espanjeWeg uit de armoede

Vooral vanuit Asturias, Galicië en Cantabrië trokken tussen circa 1850 en 1930 enorme aantallen emigranten naar Cuba, Mexico, Argentinië en Uruguay. In de bergdorpen en vissersplaatsen van Noord-Spanje was het leven hard. Families leefden vaak van kleine stukjes grond of visserij, met weinig kans op vooruitgang.Veel gezinnen verkochten bezittingen of sloten leningen af om één zoon naar Amerika te sturen. Die moest vervolgens geld terugsturen zodat later andere familieleden konden volgen. De reis was lang en onzeker. Eerst gebeurde de overtocht met zeilschepen en duurde die soms meer dan een maand. Later maakten stoomschepen de reis goedkoper, sneller en veiliger.

Een eerste blik op de moderne wereld

Voor veel jonge emigranten moet Havana hebben gevoeld als een reis naar de toekomst. Jongens uit afgelegen bergdorpen kwamen ineens terecht in een wereldstad met rond 120.000 inwoners.Daar zagen ze voor het eerst:

  • elektrisch straatlicht
  • trams
  • brede boulevards
  • theaters en cafés
  • luxe winkels
  • moderne haveninstallaties

In hun dorpen thuis waren soms nog geen verharde wegen of riolering aanwezig, terwijl Havana al elektrische verlichting en openbaar vervoer kende. De Cubaanse hoofdstad gold eind negentiende eeuw als een van de modernste steden van Amerika. De werkelijkheid in Amerika bleek echter vaak zwaar. Volgens de documentaire La Otra Orilla, die in het museum te zien is, werkten veel emigranten in textielfabrieken, winkels of sigarenfabrieken onder erbarmelijke omstandigheden. Werkdagen van zestien uur waren geen uitzondering. Soms hadden arbeiders slechts één vrije zondag per twee weken. Velen leefden in kleine gedeelde kamers en probeerden zoveel mogelijk geld naar huis te sturen. Slechts een minderheid werd echt rijk.

Wil je meer tips over  Spanje? Bestel dan hier het mooie magazine ESPANJE!

La Quinta Guadalupe

Het museum bevindt zich in La Quinta Guadalupe, gebouwd in 1906 door Íñigo Noriega Laso. Hij emigreerde op zijn 14e naar Mexico om daar aan de slag te gaan als winkelbediende. Uiteindelijk werd hij een van de meest succesvolle Asturianenen in Mexico die nauw breiend was met de Mexicaanse president Porfirio Díaz. Na de Mexicaanse Revolutie werd Colombres zelfs genoemd als mogelijke verblijfplaats voor Díaz in ballingschap. Uiteindelijk vertrok hij echter naar Parijs, waar hij later overleed. Noriega noemde het huis naar zijn vrouw Guadalupe, die overleed voordat de villa klaar was. Noriega zelf woonde er uiteindelijk nauwelijks. Het gebouw weerspiegelt de smaak van de indianos:

  • exotische palmbomen
  • rijk versierde interieurs
  • grote veranda’s
  • kleurrijke gevels
  • Latijns-Amerikaanse invloeden

Wat brachten de indianos terug?

De teruggekeerde emigranten namen niet alleen geld mee terug, maar ook nieuwe ideeën over moderniteit. Ze financierden scholen, ziekenhuizen, elektriciteit, waterleidingen, wegen en pleinen. Ook hun huizen brachten een stukje Cuba naar Noord-Spanje. Overal verschenen villa’s met palmbomen, grote ramen en tropische details. Het museum toont de emigratiegeschiedenis via oude koffers, scheepstickets, brieven en foto’s, meubels, films en documentaires. Er is vooral veel aandacht voor het Asturiaanse verenigingsleven in Amerika, waarbij de rijken de armen probeerden te ondersteunen. Zo waren er voetbalclubs, worden en lokale feesten gevierd en werden weduwen en zieken ondersteund. Mooi dat  er ook aandacht voor de menselijke kant van emigratie: afscheid, heimwee, uitputting en de hoop op een beter leven. Achter de prachtige villa’s van de indianos schuilen uiteindelijk verhalen van mensen die alles achterlieten om ergens anders opnieuw te beginnen.