De Sierra de Guara combineert diepe rivierkloven en ruige kalksteenrotsen met een grote roofvogelpopulatie. Een paradijs voor klimmers, wandelaars en gezinnen met jonge kinderen die van avontuur houden. Toch is dit unieke natuurpark in de zuidelijke uitlopers van de Pyreneeën nog altijd vrij onbekend.

De laatste jaren komt het toerisme in de Sierra de Guara voorzichtig op gang. De regio is uitgegroeid tot een mekka voor sportklimmers. Ook voor kleine klimmertjes: wie van de bergen houdt, maar de kinderen niet warm krijgt voor bergwandelingen, moet beslist een vakantie in de Sierra de Guara overwegen. Avontuurlijk zijn de talloze afdalingen in de diep uitgesleten rivierdalen, waar je afwisselend klautert en wadend wandelt. Waterpret vind je hier niet in tropische zwemparadijzen, maar in door de natuur uitgesleten kolkgaten. Voor liefhebbers van wildwateractie zijn er spectaculaire kanotochten tussen de hoge bergwanden. De echte waaghalzen storten zich met een parachute naar beneden van de loodrechte wanden.

Bergmensen in Sierra de Guara

De meeste toeristen komen hier voor de canyoning. Dat is het afdalen in diepe kloven die door rivieren zijn uitgesleten. Geheel ongevaarlijk is dat niet. Waarschuwingen om bij slecht weer de rivierdalen te betreden, moet je als toerist beslist serieus nemen. Na een flinke hoosbui kan een lieflijk bergstroompje tussen de loodrechte bergwanden veranderen in een woest kolkende watermassa. De spectaculairste canyoningroutes zijn alleen voor getrainde klimmers, zoals de rivierbeddingen van de Alcandre en de Mascún, met watervallen, kolkgaten, grotten en afdalingen met loodrechte hellingen tot 32 meter.

Een gids is dus aan te raden, al is het maar omdat de meeste tochten rivierbeddingen volgen, en dus van punt A naar punt B gaan. Gidsen zorgen voor vervoer heen en terug. Onze gidsen Jesus en José Andrés hebben op ons verzoek een paar tochten voor beginners uitgestippeld. Het zijn echte bergmensen, zoals de meeste inwoners uit deze streek. Overdag hebben ze zo hun beslommeringen om in de bergen pas echt tot leven te komen. In een straf tempo en ook nog eens druk pratend – het blijven Spanjaarden – bestijgen ze de berghellingen. De woordenwaterval valt pas stil aan de rand van het ravijn als hun blik genietend honderden meters naar beneden glijdt.

Adembenemende route

De bekendste canyon is de rivier de Vero, die je vanuit het dorpje Alquézar, via een afgezet parcours zelfs met kleine kinderen goed kunt bereiken. Maar ook de canyontocht vanuit Lecina naar Alquézar is goed te doen voor beginners. Je hebt niet zoals op andere plekken touwen of gereedschap nodig. Door de toegankelijkheid is de tocht van zo’n zes uur ook geliefd bij voornamelijk Franse toeristen, maar in het voorseizoen zie je onderweg niemand. Een neopreen pak wapent je tegen de scherpe rotsen en het ijskoude water waar je regelmatig door waadt en zwemt. Op sommige punten moet je springen en stukjes onder water zwemmen. Vanaf het begin is de route adembenemend. De rivier slingert door steeds dichter op elkaar gepakte rotswanden, waarin het water door de eeuwen grotten heeft uitgeslepen en kolkgaten heeft gevormd. Na anderhalf uur waden in een behaaglijk zonnetje wordt het menens. Het licht gaat uit, de bergen sluiten zich boven ons en we moeten in het kille bergwater springen. Nu is er geen weg terug meer. Vanaf dit punt zoeken we onze weg in een donker labyrint, afwisselend wadend en over rotsblokken klimmend. Omgeven door steen, steen en nog eens steen. Magisch is deze duistere onderwereld beslist, maar geen aanrader voor mensen met claustrofobie. We staan voor een smalle buis, een soort waterglijbaan gebeeldhouwd in de rotsen. Voorzichtig roetsjen we naar beneden en dan opent zich de rivier weer.

Hippies en avonturiers

Bij een Romaanse brug klauteren we een paar honderd meter omhoog, naar het dorpje Alquézar. Dit mooi gerestaureerde dorp, bovenop een heuveltop, is op zich al een bezichtiging waard. Spectaculair hoe de huizen zijn vastgeplakt aan de rode bergwand. Met een paar honderd inwoners is dit een van de grotere dorpen van de streek. De meeste bewoners hebben de geïsoleerde streek verlaten op zoek naar emplooi elders, zodat het ene na het andere spookdorp is ontstaan. Op weinig plekken in Spanje is de uittocht zo rigoureus geweest als hier in de lage Pyreneeën. De inwonertallen van de paar nog wel bewoonde dorpen lopen uiteen van vijf tot enkele tientallen.

In een paar verlaten dorpjes hebben zich hippies en avonturiers gevestigd. Zoals María die met man en dochtertje neerstreek in het verlaten dorpje Nocito, waarmee het inwonertal in een klap verdubbelde. Ze beheren er een eenvoudige herberg, bebouwen een hectare grond en organiseren trektochten te paard door de Sierra. Vandaag laat María de werkzaamheden liggen. Samen met haar en gids José Andrés zakken we vanuit het gehucht Rodellar de rivier de Mascún af. José Andrés noemt het een makkelijke tocht. Niet bepaald een opsteker voor onze ongetrainde lichamen. Als hijgende paarden sjokken we achter
het tweetal aan.

Gelukkig stopt José Andrés, die bioloog is, vaak voor interessante vogels en planten. De regio is
een beschermd gebied vanwege een ongekend gevarieerde roofvogelpopulatie, vertelt hij. Al na
vijf minuten haalt hij opgewonden zijn verrekijker tevoorschijn. ‘Slangenarenden’ zegt hij, al turend. De hele verdere tocht worden we begeleid door gieren. Het stikt er van de vale gieren. Maar ook de aasgier en zelfs de uiterst zeldzame lammergier komen hier voor. Deze grote roofvogel neemt zware botten mee de lucht in om ze te breken op de rotsen en wordt daarom ook wel ‘bottenbreker’ genoemd. Een ongemakkelijk gevoel, gieren die vlak boven ons hoofd cirkels draaien. Als ze ons maar niet aanzien voor halfdode schapen.

Sprookjeskasteel

Boven de grillige rotspartijen zweven roofvogels over diep uitgeslepen canyons. Langs de steile wanden staan wilde geiten te grazen op richels. In mei loop je door een bloemenpracht van lissen, orchideeën en campanula’s, geëscorteerd door vrolijk fladderende vlinders. Hartje zomer ruikt het naar wilde kruiden: rozemarijn, tijm en lavendel.
José Andrés wijst op de stenen zuilen die aan de horizon opdoemen en vertelt hun bijnamen. ‘We gaan toch niet naar het kasteel’, vraag ik. Een steil bergpaadje kriskast omhoog langs een vierhonderd meter hoge wand. Bovenop verrijst iets dat lijkt op een sprookjeskasteel. Voordat we er erg in hebben, is de beklimming ingezet. Gelukkig wordt het nergens eng. We lopen op een geplaveid pad dat bergbewoners vorige eeuw hebben aangelegd.

Tot halverwege vorige eeuw reden de bewoners te paard op dit soort paadjes om hun kaas en wol in een dorpje verderop te ruilen voor wijn en olijfolie. nog altijd doorkruist geen enkele verharde weg de Sierra de Guara, wat natuurbeschermers zo willen houden. Bovenop het kasteel hebben we prachtig zicht op de steile bergwanden waar roofvogels nestelen en in- en uitvliegen. Als je maar geduld hebt, zie je ze allemaal: de torenvalk en de slechtvalk, de kleine dwergarend en de steenarend met z’n volledig uitgestrekte vleugels, en de alpenkraai, een stuntvlieger. Uren lopen we op de hoogvlakte. Onze kleren geuren naar tijm en rozemarijn. De route voert langs twee spookdorpen, waar de wind vrij spel heeft. De vloer van een spookkerkje is bezaaid met gebroken mozaïektegels; in het midden staat een bestofte fles wijn. Azijn, lacht gids José Andre.

Eenzame rode zuilen

Het ruige, on-Europees aandoende landschap van de Sierra de Guara is een typisch karstgebergte. Het kalksteenplateau, met uitschieters tot tweeduizend meter, wordt doorsneden door vijf rivieren die diepe kloven hebben uitgeslepen. Bovenop het plateau sijpelt het regenwater in de aarde, waarbij het kalksteen oplost. Hierdoor ontstaan dolines, grote kommen in de aarde. Na een flinke regenbui komt het water beneden in de canyons uit de wand tevoorschijn en wast het water in de riviertjes.
Aan de zuidkant van het plateau waar de rivieren de kalksteenmassieven verlaten, markeren torens van rood gesteente de overgang naar het brede dal van de rivier de Ebro. Mallos worden deze zuilen genoemd, die zo karakteristiek zijn voor de regio. De Salto de Roldán is misschien wel de mooiste onder de eenzame rode zuilen. Een lange wandeling wordt het niet vandaag. We maken het onszelf gemakkelijk en parkeren de auto vlak onder de reus. Die is indrukwekkend, zo van onderen. En heel erg steil. Kun je hoogtevrees hebben op de grond? De eerste honderd meter gaat het geleidelijk omhoog. Dan duikt de Salto op, het rood glinstert in de avondzon. Voor het laatste steile stukje moet je metalen ladders aan de zijkant beklimmen, hangend boven de leegte. Ik bedank en de rest loopt verder. De wandelaars worden kleine stipjes die zich langs de bergwand omhoog bewegen. Bovenop de puk-kel krijgen de dapperen een beloning in de wonderlijke aanblik van een vervallen Romaans kerkje dat in de resten van een moorse vesting is gebouwd. Onder en vlak naast hen scheren de roofvogels. Een van de stipjes beweegt naar de rand van ravijn om van het uitzicht te genieten, je bent een bergmens of je bent het niet.

Dit artikel is eerder verschenen in ESPANJE! (España & más nummer 2, jaargang 2013) en de informatie kan achterhaald zijn. Auteur: Annet Maseland.

Oefen je Spaans met deze samenvatting over natuurpark Sierra de Guara.

Dit artikel werd geschreven door Annet Maseland. Annet Maseland studeerde Spaanse taal en letterkunde en werkt als freelance journalist. Ze heeft een huis in Huesca, Aragón, en doet niets liever dan reizen door Spanje.

Waar?

De Sierra de Guara ligt op 1500 km van Utrecht, met de auto dwars door de Pyreneeën, via de tunnel van Bielsa, in Spanje richting Ainsa/Huesca/Sierra de Guara. Dichtstbijzijnde vliegveld is Barcelona, dan nog ruim drie uur met trein, bus of auto. Vanuit Madrid rijdt de sneltrein in minder dan drie uur rechtstreeks naar Huesca.

Wanneer?

Voor een bezoek aan de Sierra de Guara zijn de maanden juni en september het gunstigst. Het klimaat is aangenaam en je hebt de bergen nog min of meer voor je alleen.

Eten & drinken

Grote culinaire verrassing is het door Michelin aangeprezen Callizo in het iets noordelijker gelegen Ainsa. De koks leerden het vak bij El Bulli. De creatieve moleculaire experimenten vermengd met de stevige Aragonese keuken zijn de omreis meer dan waard – wel reserveren. Ook modern en goed eten kun je in restaurant Flor in Barbastro. Voor liefhebbers van de traditionele keuken is er La Posada de Lolalola in Buera, bij Alquézar. Somontano is een bekende wijnstreek in Spanje, met bekende jonge wijnhuizen als Enate en Viñas del Vero.

Slapen

In de regio zijn diverse campings, onder meer in Huesca-stad, Alquézar, Lecina (beide aan de Río Vero) Rodellar (vertrekpunt van de meest spectaculaire afdalingen) en een paar eenvoudige herbergen en hostals. Aanrader is de door drie zusters gerunde B&B in Bierge, Hostería de Guara (€85) of hotel Maribel in Alquézar, met een prachtige inrichting en de allermooiste panorama’s.

Cultuur

Bezienswaardige steden zijn de provinciehoofdstad Huesca en het 100 km verderop gelegen Zaragoza. De regio is doortrokken van overblijfselen uit de Moorse en Romaanse tijd. Het op een bergtop gelegen kasteel van Loarre is het grootste Romaanse bouwwerk in Spanje. Mooie dorpen zijn Alquézar, een Moorse vesting uit 1083, en het hooggelegen dorpje Santa Eulalia de Mayor, waar je vanuit de toren uitzicht hebt over de wijde omgeving. Een van de laatst overgebleven authentieke keramiekfabrieken in de regio vind je in Bandaliés.

Doen

Canyoningtochten worden georganiseerd vanuit Rodellar, Lecina en Alquézar. Dagtochten, ook voor gezinnen met kinderen, met Nederlandstalige gids bij Escalade in Lecina. Vogelreizen, wandelreizen en excursies op maat onder leiding van de vermaarde Nederlandse bioloog Kees Woutersen, kun je boeken bij Aragon Natuurreizen. Racing en alle andere mogelijke actiesporten bij URpirineos in Murillo (snelweg Pamplona-Huesca),

Georganiseerd op reis

Heb je geen zin om je reis zelf helemaal te plannen? Dan biedt SNP Natuurreizen uitkomst. Je kunt er meer dan 20 reizen in de Pyreneeën boeken, zowel voor groepen als individueel. Bijvoorbeeld een 8-daagse reis langs hotels, herbergen en casas rurales in de Sierra de Guara in Aragón. De tocht voert door spectaculaire kloven en het grillige, desolate landschap van de Somontano. Kijk op  www.snp.nl voor meer informatie.

Lees alle berichten over:

alquézar
canyons
Lecina
Pyreneeën
Rodellar
Sierra de Guara
wandelen